ECLI:NL:CBB:2009:BI4245
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt weigering vergunning kansspelautomaten in laagdrempelige horeca-inrichting
Appellante exploiteert een horeca-inrichting met een cafégedeelte en een cafetariagedeelte en vroeg vergunning aan voor twee kansspelautomaten. Verweerder weigerde deze vergunning omdat de inrichting volgens de Wet op de kansspelen als laagdrempelig wordt aangemerkt, waarbij geen vergunning voor kansspelautomaten kan worden verleend.
Appellante stelde dat het cafégedeelte een besloten horecalokaliteit is en dat eerdere vergunningen recht gaven op meerdere kansspelautomaten, en betoogde dat het besluit in strijd is met algemene beginselen van behoorlijk bestuur zoals het gelijkheidsbeginsel en rechtszekerheid.
Het College oordeelde dat het cafégedeelte niet als besloten ruimte kan worden aangemerkt omdat het publiek via het cafetariagedeelte vrij toegang heeft tot het cafégedeelte en de toiletten. Daarmee is geen sprake van een hoogdrempelige inrichting. Het beroep van appellante faalt ook op grond van het gelijkheidsbeginsel en andere bestuursrechtelijke beginselen.
Het College verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde daarmee het besluit van verweerder om de vergunning te weigeren. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de weigering van de vergunning bevestigd.