ECLI:NL:CBB:2009:BK7281
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- M.A. van der Ham
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- H.C. Cusell
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing verklaring van geen bezwaar voor deelneming in effecteninstelling
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om het hoger beroep van A tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam die zijn beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens gebrek aan procesbelang. Het geschil betreft de weigering door de AFM om aan A een verklaring van geen bezwaar (vvgb) te verlenen voor een deelneming van meer dan 50% in Amstel Capital Management B.V. (ACM). Na eerdere procedures werd door AFM alsnog een vvgb verleend voor een deelneming tot 50%, maar A betwistte de beperking en de ingangsdatum van deze verklaring.
De rechtbank oordeelde dat de vraag over een deelneming boven 50% buiten de reikwijdte van het geding viel en dat A geen materieel belang had bij het beroep, omdat de vvgb was verleend vanaf de datum van het besluit en niet met terugwerkende kracht. A stelde dat hij door de eerdere weigering schade had geleden en zijn reputatie wilde zuiveren.
Het College stelt vast dat de rechtbank ten onrechte het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard, omdat het belang van A bij eerherstel en reputatie niet kan worden genegeerd. Het College oordeelt echter dat de beperking tot 50% terecht is en dat de ex nunc toetsing door AFM passend was. De wens van A om de vvgb met terugwerkende kracht te laten ingaan wordt niet gehonoreerd omdat geen bijzondere omstandigheden hiervoor zijn aangetoond.
Het beroep wordt daarom alsnog ongegrond verklaard. AFM wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van A in hoger beroep, inclusief griffierechten. De uitspraak bevestigt de grenzen aan het procesbelang en de toetsingsmethode bij verklaringen van geen bezwaar binnen het financieel toezicht.
Uitkomst: Het beroep van A wordt ongegrond verklaard en AFM wordt veroordeeld in de proceskosten.