ECLI:NL:CBB:2010:BO7419
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- C.M. Wolters
- M. Munsterman
- H.S.J. Albers
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over wijziging bedrijfstoeslagaanvraag en kennelijke fout
Appellanten hadden beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie dat hun verzoek tot wijziging van de bedrijfstoeslagaanvraag voor 2007 afwees. De kern van het geschil betreft de vraag of sprake is van een kennelijke fout in de oorspronkelijke aanvraag, waardoor wijziging mogelijk zou zijn.
Het College oordeelt dat wijziging van de aanvraag alleen mogelijk is bij een kennelijke fout zoals bedoeld in artikel 19 van Pro Verordening (EG) nr. 796/2004. Het werkdocument AGR 49533/2002 van de Europese Commissie, dat door verweerder wordt gehanteerd, stelt dat een kennelijke fout alleen kan worden aangenomen indien bij een summier onderzoek direct duidelijk is dat de aanvraag niet overeenkomt met de bedoeling van de aanvrager.
In deze zaak hebben appellanten slechts 59 toeslagrechten aangevraagd terwijl zij volgens de gegevens 67,84 toeslagrechten bezaten. Het verschil is niet zodanig groot dat het direct in het oog springt bij een summier onderzoek. De trage verwerking door verweerder van de overdracht van toeslagrechten leidt niet tot een gebrek aan samenhang in de aanvraag. Het College volgt verweerder dan ook in zijn oordeel dat geen sprake is van een kennelijke fout.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van appellanten wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot wijziging van de bedrijfstoeslagaanvraag wordt afgewezen.