ECLI:NL:CBB:2011:BQ3306
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen ontheffing zondagopenstelling Albert Heijn in gemeente Schagen
Verzoeksters Vomar en Dekamarkt stelden beroep in tegen een besluit van de gemeente Schagen waarin aan Albert Heijn ontheffing werd verleend om een winkel op zondag te openen. Zij vroegen om een voorlopige voorziening om deze ontheffing te schorsen, stellende dat zij door de ontheffing omzetverlies lijden en dat de gemeente onvoldoende onderzoek had gedaan naar de gevolgen voor woon- en leefomgeving.
De voorzieningenrechter oordeelde dat Vomar en Dekamarkt als belanghebbenden moeten worden aangemerkt omdat slechts één ontheffing per gemeente kan worden verleend en zij aanspraak kunnen maken op de vrijgekomen ontheffing. Er werd een spoedeisend belang aangenomen vanwege het risico op onherstelbaar financieel nadeel.
De voorzieningenrechter stelde vast dat de gemeente de ontheffing terecht had verleend omdat er geen ontoelaatbare nadelige invloed was op woon- en leefomgeving of openbare orde. Ook was de gehanteerde volgorde van binnenkomst van aanvragen niet onredelijk. Hoewel de gemeente de hoorplicht jegens Vomar en Dekamarkt had geschonden, leidde dit niet tot het vermoeden dat het besluit anders zou uitvallen. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de ontheffing voor zondagopenstelling van Albert Heijn wordt afgewezen.