ECLI:NL:CBB:2015:73
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- M. Munsterman
- J. Schukking
- T.P.J.N. van Rijn
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep tegen vakheffing bloembollen wegens onduidelijkheid plaats transactie en bewijslevering eigendomsvoorbehoud
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen de vakheffing bloembollen over 2009, waarbij zij bezwaar maakten tegen de heffing die zowel aan verkopers als kopers werd opgelegd. Na een tussenuitspraak die procedurele gebreken constateerde, is een nieuw besluit genomen, waarna het beroep werd voortgezet.
Het College bevestigt dat de heffing zowel bij verkopers als kopers kan worden opgelegd en dat het systeem waarbij verkopers de heffing van kopers innen, niet in strijd is met artikel 126 Wbo Pro. De stelling van appellanten dat de heffing onverbindend is wegens onduidelijkheid en willekeur wordt verworpen. Het College oordeelt dat de plaats van de transactie bepalend is voor de heffingsplicht en dat bij koop onder eigendomsvoorbehoud de transactie plaatsvindt waar de partij die de kenmerkende prestatie levert is gevestigd.
Omdat appellanten stellen dat de transacties met buitenlandse kopers plaatsvonden in het buitenland en dat eigendomsvoorbehoud is overeengekomen, moeten zij daartoe bewijs leveren. Verweerder moet op basis daarvan een nieuw besluit nemen. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit van 4 oktober 2013 vernietigd, en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van appellanten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen na bewijslevering.