ECLI:NL:CBB:2016:73
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond op nihilstelling subsidie wegens voortijdige verplichtingen
Appellant diende een subsidieaanvraag in voor een warmtenet op basis van de Regeling LNV-subsidies. Na een loting werd subsidie verleend op 23 januari 2013. Verweerder stelde de subsidie bij het primaire besluit van 28 maart 2014 op nihil vast omdat appellant verplichtingen was aangegaan vóór de subsidieverlening, wat in strijd is met artikel 1:2, tweede lid, van de Regeling.
Appellant voerde aan niet te hebben geweten dat activiteiten op eigen risico niet toegestaan waren en stelde dat vanwege tijdsdruk de werkzaamheden moesten starten. Verweerder handhaafde het besluit bij het bestreden besluit van 18 juni 2015. Het College overwoog dat appellant bekend was met de voorwaarden en dat het risico van voortijdige verplichtingen voor zijn rekening komt.
Het College oordeelde dat verweerder bevoegd was de subsidie op nihil vast te stellen en dat de subsidie voor het gehele warmtenet gold, niet per onderdeel. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de nihilstelling van de subsidie wordt ongegrond verklaard.