ECLI:NL:CBB:2018:363
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Venekamp
- T. Pavićević
- J.E.M. Polak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing toewijzing betalingsrechten jonge landbouwer wegens ontbreken blokkerende zeggenschap
Appellante verzocht om toewijzing van betalingsrechten voor jonge landbouwers uit de Nationale reserve 2015, maar haar aanvraag werd door verweerder afgewezen. De afwijzing was gebaseerd op het criterium dat de jonge landbouwer blokkerende zeggenschap moet hebben over ondernemingsbeslissingen met een financieel belang van meer dan € 25.000, zoals bepaald in de Beleidsregel Uitvoeringsregeling rechtstreekse betalingen GLB.
Appellante stelde dat de jonge landbouwer op grond van de maatschapsakte zelfstandig bevoegd is tot € 50.000 en dat de invulling van het begrip blokkerende zeggenschap door Nederland leidt tot ongelijke behandeling en niet strookt met de doelstellingen van de steunregeling. Verweerder betoogde dat de jonge landbouwer pas kan tegenhouden bij beslissingen boven € 50.000, waardoor geen blokkerende zeggenschap bestaat voor beslissingen boven € 25.000.
Het College oordeelde dat de Beleidsregel een juiste precisering is van de Europese Verordening 639/2014 en dat daadwerkelijke langdurige zeggenschap vereist dat de jonge landbouwer een besluit kan tegenhouden. De maatschapsakte geeft geen blokkerende zeggenschap voor beslissingen boven € 25.000, zodat niet aan deze voorwaarde wordt voldaan.
Verder stelde het College vast dat de door appellante aangevoerde bijzondere omstandigheden niet leiden tot een afwijking van de beleidsregel. De afwijzing van de aanvraag was daarom terecht en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de toewijzing van betalingsrechten aan jonge landbouwers wordt ongegrond verklaard.