ECLI:NL:CBB:2020:495
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling knelgevallenregeling fosfaatrechten bij melkveebedrijf met buitengewone omstandigheden
Appellante exploiteert een melkveebedrijf en maakte gebruik van de knelgevallenregeling vanwege mantelzorg en diergezondheidsproblemen. Verweerder stelde het fosfaatrecht vast op basis van de dieraantallen op 2 juli 2015, en verhoogde dit na melding bijzondere omstandigheden met een alternatieve peildatum van 6 januari 2010.
Appellante voerde aan dat een latere peildatum (12 april 2011) en een hogere melkproductie in 2018 als uitgangspunt hadden moeten gelden, omdat de buitengewone omstandigheden pas toen effect zouden hebben gehad en de melkproductie in 2010 niet representatief was.
Het College oordeelde dat de alternatieve peildatum van 6 januari 2010 terecht is gekozen, omdat de mantelzorg toen begon en er geen oorzakelijk verband is met de latere datum. Ook is de melkproductie in 2018 niet representatief voor de buitengewone omstandigheden die in 2010 ontstonden. Het beroep op schadevergoeding werd afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het fosfaatrecht van appellante werd bevestigd zoals vastgesteld door verweerder.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het fosfaatrecht wordt vastgesteld op basis van de peildatum 6 januari 2010 en melkproductie in 2010.