ECLI:NL:CBB:2020:849
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid fosfaatrechtenstelsel en ongeoorloofde staatssteun onder Meststoffenwet
Appellante, een melkveehouderij met 87 melk- en kalfkoeien en 95 jongvee op de peildatum 2 juli 2015, betwist het door verweerder vastgestelde fosfaatrecht van 4.841 kg, inclusief een generieke korting van 8,3%. Zij voert aan dat de Nitraatrichtlijn onvoldoende grondslag biedt voor het stelsel van fosfaatrechten en dat sprake is van ongeoorloofde staatssteun. Verweerder heeft het bezwaar van appellante ongegrond verklaard en stelt dat het fosfaatrechtenstelsel rechtmatig is en geen sprake is van ongeoorloofde staatssteun, verwijzend naar eerdere uitspraken van het College en een goedkeuringsbeschikking van de Europese Commissie.
Het College verwijst naar eerdere uitspraken van 23 juli 2019 en 26 november 2019 waarin deze punten reeds zijn beoordeeld en verworpen. Het College stelt vast dat verweerder inhoudelijk op de beroepsgronden is ingegaan en dat er geen sprake is van een motiveringsgebrek. De beroepsgrond faalt en het beroep wordt ongegrond verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van het College van Beroep voor het bedrijfsleven op 17 november 2020.
Uitkomst: Het beroep tegen het vastgestelde fosfaatrecht en de ongegrondverklaring van bezwaar wordt ongegrond verklaard.