In deze tussenuitspraak behandelt het College van Beroep voor het bedrijfsleven het verzoek van de minister van Economische Zaken en Klimaat om de termijn voor het herstellen van gebreken in een eerder bestreden besluit te verlengen. Deze termijn was oorspronkelijk gesteld op uiterlijk 23 november 2021.
De minister verzocht om een verlenging van zes weken vanwege organisatorische redenen en gaf aan dat de behandeling van de nieuwe beslissing op bezwaar niet de nodige aandacht had gekregen. Tevens was er overleg met appellante, die akkoord ging met het uitstel.
Het College overweegt dat verlenging van de hersteltermijn slechts in bijzondere gevallen wordt toegestaan en dat het verzoek voldoende gemotiveerd moet zijn. Gezien de organisatorische aard van het verzoek acht het College dit onvoldoende overtuigend. Desondanks wijst het College het verzoek deels toe en stelt een nieuwe uiterste datum van 7 december 2021 voor het herstel van de gebreken. Verder worden beslissingen aangehouden.