Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van een tegemoetkoming op grond van de Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19. Dit bezwaar is door verweerder niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de zeswekentermijn voor het indienen van bezwaarschriften.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft het bezwaar behandeld op 26 februari 2021. Appellante stelde dat de termijnoverschrijding te wijten was aan vakanties en drukte op het kantoor van haar gemachtigde. Het kantoor had slechts drie medewerkers, waarvan er twee gelijktijdig met vakantie waren, en er was sprake van extra werkzaamheden door COVID-19 gerelateerde ondersteuning van cliënten.
Het College oordeelde echter dat deze omstandigheden geen verschoonbare reden vormen. Van een professionele gemachtigde mag worden verwacht dat hij zijn werkzaamheden zodanig organiseert dat tijdig bezwaar mogelijk is, eventueel door inschakeling van derden bij tijdnood. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het bezwaar niet-ontvankelijk geacht.