Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de meervoudige kamer van 5 april 2022 in de zaak tussen
[naam 1] B.V., te [woonplaats] , appellante,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
5 april 2022.
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen een subsidiebesluit voor de TVL over het eerste kwartaal van 2021, maar dit bezwaar was te laat ingediend. Hoewel zij eerder bezwaar had gemaakt tegen een ander besluit over de TVL van het vierde kwartaal 2020, ontslaat dit haar niet van de verplichting om ook tegen het latere, afzonderlijke besluit tijdig bezwaar te maken.
Appellante stelde dat zij in afwachting was van de beslissing op het eerdere bezwaar en dat zij erop vertrouwde dat een gegrondverklaring daarvan ook zou gelden voor latere perioden. Verweerder wees dit af en gaf aan dat voor elk besluit afzonderlijk bezwaar moet worden gemaakt. De termijnoverschrijding werd daarom niet verschoonbaar geacht.
Het College bevestigde dat de bezwaartermijn zes weken bedraagt en dat een te laat ingediend bezwaar alleen wordt geaccepteerd als de termijnoverschrijding verschoonbaar is. In dit geval was dat niet het geval. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet-tijdig ingediend bezwaar.