ECLI:NL:CBB:2022:76
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag TVL wegens niet passende SBI-code op peildatum
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) voor het derde kwartaal van 2020, maar de subsidie is afgewezen omdat haar onderneming op 15 maart 2020 niet was ingeschreven met een hoofd- of nevenactiviteit die in de bijlage bij de TVL is opgenomen.
Appellante stelde dat haar feitelijke bedrijfsactiviteiten wel aanspraak maken op subsidie en dat verweerder onterecht alleen naar de inschrijving in het handelsregister keek. Zij voerde aan dat de TVL-regeling ongerechtvaardigd onderscheid maakt en onvoldoende rekening houdt met feitelijke activiteiten.
Verweerder stelde dat de TVL strikt wordt toegepast op basis van de inschrijving op de peildatum en dat wijzigingen daarna niet in aanmerking worden genomen. Het College bevestigde dat de regeling geen ruimte biedt om feitelijke activiteiten mee te wegen bij de beoordeling voor het derde kwartaal 2020.
Het College oordeelde dat het beroep ongegrond is, omdat de regeling en de uitvoerbaarheid daarvan vereisen dat alleen wordt uitgegaan van de inschrijving op de peildatum. Ook is geen sprake van onevenredige of onzorgvuldige besluitvorming.
De subsidieaanvraag wordt daarom terecht afgewezen en het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de subsidieaanvraag TVL wordt ongegrond verklaard.