ECLI:NL:CBB:2022:82
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling subsidieverlening en schadevergoeding bij sanering varkenshouderij
Appellante, een varkenshouderij, vroeg subsidie aan voor de onomkeerbare sluiting van haar bedrijf op grond van de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen. Verweerder wees de aanvraag aanvankelijk af vanwege een te lage geurscore, maar herrekende deze score later en kende alsnog subsidie toe. Verweerder weigerde echter proceskosten te vergoeden en wees het schadevergoedingsverzoek af.
Appellante stelde dat verweerder onzorgvuldig had gehandeld door uit te gaan van de laagste geuremissie en dat zij schade had geleden door de vertraging in besluitvorming. Verweerder voerde aan dat hij mocht vertrouwen op de door appellante aangeleverde gegevens en dat de vertraging niet onrechtmatig was.
Het College oordeelde dat verweerder niet gehouden was tot proceskostenvergoeding omdat de herroeping van het primaire besluit niet aan hem te wijten was maar volgde uit nieuwe informatie van appellante. Ook wees het College het schadevergoedingsverzoek af omdat niet was aangetoond dat de vertraging onrechtmatig was en dat schade was geleden.
De beroepen tegen het bestreden besluit en het schadebesluit werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De beroepen tegen het bestreden besluit en het schadebesluit zijn ongegrond verklaard; proceskostenvergoeding en schadevergoeding worden afgewezen.