ECLI:NL:CBB:2023:362
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Correctie waarde garanties van oorsprong in subsidie zonneparken niet in strijd met regelgeving
De zaak betreft beroepen van drie zonneparkhouders tegen ministeriële besluiten waarin correcties op de toegekende subsidies zijn toegepast op basis van de waarde van garanties van oorsprong (gvo’s). De correctie is ingevoerd om te voorkomen dat producenten meer subsidie ontvangen dan nodig is voor een normale exploitatie. De zonneparkhouders stelden dat de rekenmethodiek inconsistent is, dat de correctie niet transparant en onvoldoende gemotiveerd is, en dat de regeling in strijd is met het evenredigheidsbeginsel.
Het College stelt vast dat de subsidie is verleend volgens de geldende regels en dat de waarde van de gvo’s terecht wordt meegenomen in de correctie van het subsidiebedrag. De vermeende inconsistentie in de rekenmethodiek slaagt niet, omdat het Besluit SDEK niet voorschrijft dat de waarde van de gvo’s bij de rangschikking moet worden meegewogen. Ook is onvoldoende gebleken dat de minister toezeggingen heeft gedaan die het vertrouwensbeginsel rechtvaardigen.
Voorts oordeelt het College dat artikel 72 van Pro de Regeling, waarin de correctie is geregeld, niet in strijd is met het Besluit SDEK of Europese regelgeving, waaronder Richtlijn 2018/2001. De minister heeft de motivering voldoende onderbouwd met adviezen van het Planbureau voor de Leefomgeving en het Energieonderzoek Centrum Nederland. Het evenredigheidsbeginsel wordt niet geschonden omdat de correctie een bewuste beleidskeuze is die bijdraagt aan het doel van de regeling en de marktwaarde van de gvo’s weerspiegelt.
De beroepen worden ongegrond verklaard en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. Het College benadrukt dat de besluiten waarin de subsidie definitief wordt vastgesteld, waar de waarde van de gvo’s concreet wordt toegepast, nog kunnen worden aangevochten.
Uitkomst: De beroepen van de zonneparkhouders tegen de correctie op de subsidie vanwege de waarde van garanties van oorsprong worden ongegrond verklaard.