Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 december 2023 in de zaak tussen
de minister van Economische Zaken en Klimaat
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
Bijlage
18 mei 2021.
College van Beroep voor het bedrijfsleven
De onderneming diende een aanvraag in voor de subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor het eerste kwartaal van 2021, maar deze werd door de minister afgewezen omdat de aanvraag niet tijdig was ingediend. De onderneming stelde dat zij recht had op subsidie vanwege omzetverlies en dat zij niet op de hoogte was van de sluitingsdatum, mede omdat zij op een pro-forma lijst was geplaatst.
De minister handhaafde de afwijzing en stelde dat de aanvraagtermijn duidelijk was gecommuniceerd en dat het de verantwoordelijkheid van de onderneming was om tijdig te handelen. Het College oordeelde dat de afwijzing terecht was op grond van de TVL-regeling, die een dwingende termijn voor indiening stelt. Het beroep op het vertrouwensbeginsel door de onderneming faalde omdat geen toezegging was gedaan dat de aanvraag alsnog in behandeling zou worden genomen.
Het College concludeerde dat het vasthouden aan de termijn niet in strijd is met het evenredigheidsbeginsel en dat de onderneming haar eigen risico draagt voor het niet tijdig indienen. Het beroep werd ongegrond verklaard en de minister hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de onderneming tegen de afwijzing van de subsidieaanvraag wegens te late indiening is ongegrond verklaard.