ECLI:NL:CBB:2024:629
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
College van Beroep bevestigt lagere subsidievaststelling wegens essentiële wijziging projectplan
De onderneming voerde een demonstratieproject uit voor de conversie van biomassa naar hernieuwbare energie via superkritische watervergassing. De subsidie werd verleend op basis van een projectplan waarin mest als hoofdgrondstof werd gebruikt. Tijdens de uitvoering wijzigde de onderneming dit naar glycerol, zonder ontheffing te vragen, wat een essentiële wijziging van het projectplan vormt volgens artikel 37 van Pro het Kaderbesluit.
De minister stelde de subsidie lager vast en vorderde het onverschuldigd betaalde voorschot terug, omdat de projectdoelstellingen niet waren behaald en de meldingsplicht niet was nageleefd. De onderneming stelde dat zij erop vertrouwde de volledige subsidie te ontvangen en dat de wijzigingen noodzakelijk en succesvol waren, maar het College verwierp deze beroepen op het vertrouwensbeginsel, rechtszekerheidsbeginsel, zorgvuldigheidsbeginsel, motiveringsbeginsel en evenredigheidsbeginsel.
Het College oordeelde dat de lagere subsidievaststelling en terugvordering geschikt, noodzakelijk en evenwichtig zijn in verhouding tot de doelen van de regeling. Er was geen sprake van onbeheersbare financiële problemen en de onderneming had nieuwe partners gevonden. Het beroep van de onderneming werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de onderneming wordt ongegrond verklaard en de lagere subsidievaststelling en terugvordering blijven gehandhaafd.