Stichting Profila Zorg verzocht de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) om in haar nacalculatie over 2021 ook de extra personele coronakosten over 2020 mee te nemen, welke door een administratieve fout niet in de nacalculatie 2020 waren opgenomen. De NZa wees dit verzoek af, stellende dat de nacalculatie 2020 onherroepelijk was en alleen opengebroken kon worden bij nieuw gebleken kosten die ten tijde van de indiening niet bekend waren.
Profila stelde dat de afwijzing evident onredelijk was vanwege de bijzondere omstandigheden van de coronapandemie, de instemming van het zorgkantoor en het belang van een pragmatische aanpak zoals door de minister van VWS gewenst. Tevens voerde zij een beroep op het vertrouwensbeginsel, omdat het nacalculatieformulier en communicatie met de NZa ruimte boden voor correcties.
Het College oordeelde dat de nacalculatie 2020 terecht onherroepelijk was vastgesteld en dat de administratieve fout geen nieuw feit vormde. Het belang van rechtszekerheid en tijdige administratieve afsluiting van het jaar woog zwaarder dan het financiële belang van Profila. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat geen toezeggingen waren gedaan waarop Profila redelijkerwijs mocht vertrouwen.
Het College verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde daarmee de afwijzing van het verzoek om herziening van de nacalculatie 2020.