ECLI:NL:CBB:2025:386
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- H.L. van der Beek
- A. Venekamp
- T. Pavićević
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boetes wegens overschrijding meststoffengebruik en niet-naleving mestverwerkingsplicht
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven het hoger beroep behandeld van [naam 1] V.O.F. tegen boetes opgelegd door de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur wegens overtredingen van de meststoffenregelgeving in 2018.
De kern van het geschil betrof de hoeveelheid varkensdrijfmest die op 19 februari 2018 werd afgevoerd en geanalyseerd. De minister twijfelde aan de herkomst van de mest omdat de opgegeven voorraad en mestproductie niet overeenkwamen met de analysegegevens. Het College oordeelde dat de minister terecht de analyseresultaten buiten beschouwing liet en vervangende waarden toepaste bij de boeteberekening.
Verder werd vastgesteld dat [naam 1] de gebruiksnormen voor dierlijke meststoffen, stikstof en fosfaat had overschreden en niet voldeed aan de mestverwerkingsplicht. De rechtbank had de boetes gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn, maar het College handhaafde deze matiging niet verder omdat de minister de boetes al had gematigd wegens overschrijding van de beslistermijn.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boetes worden bevestigd.