ECLI:NL:CBB:2025:615
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen invordering dwangsom wegens niet-naleving dierenwelzijnsmaatregelen
De minister van Landbouw heeft op 24 februari 2023 een last onder dwangsom opgelegd aan een hondenfokker wegens overtreding van bepalingen uit de Wet dieren en het Besluit houders van dieren. De last omvatte zes maatregelen gericht op het verbeteren van de hygiëne, huisvesting, drinkwater, bescherming tegen weersinvloeden, veiligheid en ventilatie in de hondenkennel.
Na hercontroles op 3 en 15 maart 2023 bleek dat vijf van deze maatregelen niet waren nageleefd. De minister besloot daarom op 16 juni 2023 tot invordering van een dwangsom van in totaal € 5.000,-. De fokker maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard, waarna zij beroep instelde bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Het College oordeelt dat de last rechtsgeldig is opgelegd en onherroepelijk is geworden. De fokker had onvoldoende tijd om de last uit te voeren doordat zij naliet haar adreswijziging door te geven. De bevindingen van de toezichthouder, ondersteund door een toezichtsrapport en foto’s, zijn voldoende betrouwbaar. De bezwaren van de fokker, waaronder het ontbreken van bacteriologische testen en foto’s, worden verworpen.
Het College concludeert dat de minister terecht heeft vastgesteld dat de fokker niet aan de maatregelen heeft voldaan en dat de dwangsommen terecht zijn verbeurd en ingevorderd. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de invordering van de dwangsom wordt ongegrond verklaard en de dwangsom van € 5.000,- wordt bevestigd.