ECLI:NL:CBB:2026:127
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Invordering verbeurde dwangsom voor aanbieden taxivervoer zonder vergunning op Amsterdamse opstapmarkt
Een taxichauffeur bood taxivervoer aan op de Amsterdamse opstapmarkt zonder over de vereiste Taxxxivergunning te beschikken. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde hem op 26 augustus 2021 een last onder dwangsom op van € 5.500 per overtreding, met een maximum van € 27.750. Op 12 maart 2023 constateerde een toezichthouder opnieuw een overtreding, waarna het college de dwangsom van € 5.550 invorderde omdat de chauffeur niet betaalde.
De chauffeur stelde dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn financiële draagkracht en dat hij niet wist dat de last nog gold, omdat hij bijna twee jaar geen overtreding had begaan en geen waarschuwing had ontvangen. Het college stelde dat de chauffeur niet aannemelijk had gemaakt dat hij niet kon betalen en dat de financiële draagkracht in de executiefase beoordeeld moet worden.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelde dat het college terecht tot invordering is overgegaan. De chauffeur had onvoldoende inzicht gegeven in zijn financiële situatie om een uitzondering te rechtvaardigen. Ook het tijdsverloop van bijna twee jaar tussen de last en de overtreding was geen reden om af te zien van invordering. Het beroep werd ongegrond verklaard en de invordering bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep van de chauffeur tegen de invordering van de verbeurde dwangsom wordt ongegrond verklaard en de invordering blijft in stand.