ECLI:NL:CRVB:1997:AA8485
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- M.M. van der Kade
- R.M. van Male
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijk verklaring van beroepschrift inzake sociale zekerheidswetgeving
In deze zaak gaat het om een hoger beroep dat door opposant A. is ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank te Roermond van 17 oktober 1994. De rechtbank had het beroep van A. niet-ontvankelijk verklaard omdat het beroepschrift niet tijdig was ingediend. A. heeft hiertegen verzet aangetekend en de gronden van het verzet uiteengezet. De Centrale Raad van Beroep heeft in zijn uitspraak van 14 januari 1997 geoordeeld dat het beroepschrift, hoewel het na afloop van de termijn was verzonden, tijdig was ingediend omdat het voor het einde van de termijn ter post was bezorgd en binnen een week na afloop van de termijn bij de Raad was ontvangen. De Raad heeft daarbij artikel 6:9 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) toegepast, dat bepaalt dat een beroepschrift tijdig is ingediend indien het voor het einde van de termijn is ontvangen. De Raad heeft ook vastgesteld dat er geen kosten zijn die op grond van artikel 8:75 van de Awb vergoed dienen te worden. De uitspraak van de rechtbank is vernietigd en het verzet van A. is gegrond verklaard, waardoor het onderzoek in de zaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.