ECLI:NL:CRVB:1998:AA8775
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- Ch.J.G. Olde Kalter
- P.H. Hugenholtz
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing sanctiebesluit Werkloosheidswet wegens benadelingshandeling
In deze zaak staat de rechtmatigheid van een sanctiebesluit van het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv) centraal, waarbij een WW-uitkeringsgerechtigde een sanctie van 20% gedurende 16 weken kreeg opgelegd wegens het niet melden van inkomsten uit werk. De rechtbank had het besluit vernietigd wegens een te categorische sanctietoepassing zonder belangenafweging.
De Raad overweegt dat het beleid van Lisv niet strookt met het SVr-besluit, waarin vijf sanctieklassen zijn opgenomen afhankelijk van de mate van verwijtbaarheid. Lisv sloot de lichtste sanctie van 10% over 8 weken uit, wat volgens de Raad niet past binnen de beleidsvrijheid die het SVr-besluit toelaat.
De Raad bevestigt de vernietiging van het besluit en wijst erop dat een eenmalige vergissing met een gering financieel nadeel niet zo ernstig is dat de zwaardere sanctie van 20% over 16 weken passend is. De zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit met inachtneming van deze overwegingen. Tevens wordt Lisv veroordeeld in de proceskosten van gedaagde.
Uitkomst: Het categorische sanctiebesluit van Lisv wordt vernietigd wegens overschrijding van beleidsvrijheid en het ontbreken van een juiste belangenafweging.