ECLI:NL:CRVB:2000:ZB9106
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Weigering contante betaling arbeidsongeschiktheidsuitkering via giro tussen 10e en 15e van de maand
Appellant, een arbeidsongeschikte verzekerde, ontving uitkeringen op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). Na een gewapende overval op het kantoor van het Gemeenschappelijk Administratiekantoor (Gak) te Amsterdam-Sloterdijk werd besloten de contante betalingen stop te zetten en uitkeringen voortaan via girobetalingen tussen de 10e en 15e van de maand te voldoen. Appellant wenste echter contante betaling op de eerste dag van de maand.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant niet-ontvankelijk omdat het schrijven van gedaagde geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) zou zijn. De Centrale Raad van Beroep oordeelt anders: de mededeling over de toegang tot het gebouw is geen besluit, maar de weigering om op een andere wijze dan via giro te betalen wel.
De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank, verklaart de rechtbank onbevoegd ten aanzien van de toegangsbepalingen en verklaart het beroep ongegrond tegen het betalingsbesluit. De Raad acht het besluit van gedaagde rechtmatig en ziet geen reden tot vergoeding van proceskosten. Het betaalde griffierecht wordt aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit van gedaagde om de uitkering via giro tussen de 10e en 15e te betalen blijft in stand.