ECLI:NL:CRVB:2001:AA9922
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- J.H. van Kreveld
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Geen besluit in bestuursrechtelijke zin bij verklaring dienstongeval
Appellante, tijdelijk research analist aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, verzocht gedaagde om te bevestigen dat een incident op 2 juli 1993 als dienstongeval moest worden aangemerkt. Gedaagde weigerde dit in een brief van 16 mei 1995. Appellante stelde bezwaar en beroep in tegen deze weigering.
De rechtbank Dordrecht oordeelde dat de weigering geen besluit in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) was, omdat geen publiekrechtelijke grondslag bestond en de kwalificatie van het incident als dienstongeval geen rechtsgevolgen had. Dit oordeel werd bevestigd door de Centrale Raad van Beroep.
De Raad benadrukte dat de verklaring slechts een standpuntbepaling van feitelijke aard is, die de rechtspositie van appellante niet wijzigt. Het feit dat appellante deze verklaring mogelijk in de toekomst kan gebruiken bij een verzoek om schadevergoeding verandert hier niets aan.
De Raad concludeerde dat er geen sprake is van een publiekrechtelijke rechtshandeling met bestuursrechtelijke rechtsgevolgen. Het verzoek van appellante was gericht op een verklaring voor recht, die niet kan worden aangemerkt als een besluit in de zin van de Awb.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat de verklaring geen besluit is in de zin van de Awb en verklaart het beroep ongegrond.