ECLI:NL:CRVB:2001:AD5307
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terugkomen van rechtens onaantastbare malusopleggingen
In deze zaak staat centraal de vraag of het Landelijk instituut sociale verzekeringen (gedaagde) gehouden is terug te komen van rechtens onaantastbare besluiten waarbij aan appellant geldelijke bijdragen (malusopleggingen) zijn opgelegd. Appellant, het Productschap [X.], had bezwaar gemaakt tegen deze besluiten, maar deze bezwaren werden ongegrond verklaard door gedaagde en later ook door de rechtbank.
De Raad overweegt dat een bestuursorgaan niet verplicht is terug te komen van een rechtens onaantastbaar geworden besluit, tenzij er zodanige gebreken of omstandigheden zijn dat het bestuursorgaan niet in redelijkheid had mogen weigeren het besluit ongedaan te maken. Degene die dit verlangt, moet nieuwe feiten of omstandigheden aanvoeren die bij de eerdere besluitvorming niet aan de orde waren, of de evidente onjuistheid van het besluit aantonen.
De Raad constateert dat in deze zaak geen nieuwe feiten of evidente onjuistheden zijn gebleken. Ook jurisprudentie die na het besluit is ontstaan, vormt geen grond om het onaantastbare karakter van het besluit te doorbreken. Evenmin leidt het feit dat andere werkgevers na beroep zijn verschoond van malusopleggingen tot een verplichting voor gedaagde om terug te komen op de besluiten jegens appellant.
Daarom worden de hoger beroepen van appellant verworpen en de aangevallen uitspraken bevestigd. De Raad ziet geen aanleiding om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat gedaagde niet gehouden is terug te komen van rechtens onaantastbare malusopleggingen.