ECLI:NL:CRVB:2001:AD7130
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Haverkamp
- F.P. Zwart
- T.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing kinderbijslag met terugwerkende kracht op grond van hardheidsbeleid
Appellante vroeg kinderbijslag aan voor haar gehandicapte zoon met terugwerkende kracht vanaf 1988, nadat zij eerder alleen kinderbijslag ontving tot 1987. De Sociale Verzekeringsbank kende kinderbijslag toe vanaf 1995, conform de wettelijke terugwerkende termijn van drie jaar. Een verzoek om een langere terugwerkende periode werd afgewezen op grond van het beleid dat vereist dat sprake moet zijn van een bijzonder geval en financiële hardheid.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en ook in hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat het beleid correct is toegepast. De Raad stelt vast dat de AKW een bodemvoorziening is en dat het gehanteerde criterium van een minimumnorm voor het gezinsinkomen een redelijke maatstaf is om hardheid te beoordelen.
Omdat het gezinsinkomen van appellante niet onder deze norm is gedaald, is geen sprake van hardheid en kan de kinderbijslag niet met een langere terugwerkende kracht worden toegekend. Het beroep wordt daarom afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van kinderbijslag met terugwerkende kracht wordt bevestigd.