ECLI:NL:CRVB:2001:AD7297
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing persoonsgebonden budget wegens uitputting budget 1998
Appellanten vroegen een persoonsgebonden budget (PGB) aan voor hun verstandelijk gehandicapte dochter voor het jaar 1998. De aanvraag werd afgewezen door het zorgkantoor wegens uitputting van het beschikbare budget. Het bezwaar tegen dit besluit werd ongegrond verklaard door de rechtbank, waarna appellanten in hoger beroep gingen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de subsidieregeling voor PGB's niet voortvloeit uit de AWBZ, maar uit de Wet financiering volksverzekeringen en dat het zorgkantoor bevoegd was om het beperkte budget toe te passen. Het urgentiebeleid en de volgorde van aanvraagdatum waren rechtmatig en transparant vastgesteld in overleg met ouderverenigingen. De Raad vond dat appellanten vooraf op de hoogte waren gesteld van mogelijke uitputting van het budget en dat het zorgkantoor niet onzorgvuldig had gehandeld ondanks onderuitputting van toegekende budgetten.
Verder werd geoordeeld dat de regeling geen strijd oplevert met het gelijkheidsbeginsel of met verdragsbepalingen zoals het Verdrag inzake de rechten van het kind en het Europees Sociaal Handvest. De Raad bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de aanvraag voor een persoonsgebonden budget wegens uitputting van het budget wordt bevestigd.