ECLI:NL:CRVB:2002:AE3713
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- J.G. Treffers
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening en terugvordering bijstand na echtscheiding en boedelscheiding
Het geschil betreft een herzieningsbesluit en terugvorderingsbesluit van bijstand toegekend aan gedaagde na echtscheiding en boedelscheiding. De gemeente Almere had het recht op bijstand herzien en een bedrag van f 33.500,-- teruggevorderd op grond van vermeend vermogen en niet opgegeven inkomsten.
De rechtbank had het beroep van gedaagde gegrond verklaard en het besluit vernietigd, stellende dat de bijstand niet als lening was verstrekt en dat gedaagde niet over het vermogen kon beschikken omdat de schuld wegens overbedeling in termijnen werd afgelost. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en wijst het beroep van appellant af.
De Raad stelt dat het herzieningsbesluit onrechtmatig was omdat het was gebaseerd op een onjuiste wetsgrondslag (artikel 69 Abw Pro) en dat het terugvorderingsbesluit terecht niet in stand kon blijven omdat gedaagde niet beschikte over het vermogen. De Raad vernietigt het primaire besluit van 22 januari 1998 en bepaalt dat een bedrag van € 322,- door de gemeente Almere moet worden geheven.
Uitkomst: Het herzienings- en terugvorderingsbesluit bijstand wordt vernietigd omdat gedaagde niet over het vermogen kon beschikken.