ECLI:NL:CRVB:2002:AE8710
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Verzekeringsplicht interimcontrollers en premieplicht werkgever onder sociale verzekeringswetten
De zaak betreft een geschil tussen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) en een administratief interimmanagementbedrijf over de verzekeringsplicht van interimcontrollers en de premieplicht van de werkgever. De looninspecteur had vastgesteld dat de interimcontrollers onder de fictieve dienstbetrekking vielen volgens artikel 3 van Pro het Koninklijk Besluit, wat door de rechtbank werd betwist vanwege onvoldoende onderzoek naar zelfstandigheid.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de verzekeringsplicht niet zonder onderzoek naar zelfstandigheid kon worden aangenomen. De Raad bevestigt dat de interimcontrollers feitelijk persoonlijk de werkzaamheden verrichtten en dat incidentele vervanging niet afdoet aan de verzekeringsplicht. Ook het argument dat de betaling afhankelijk was van de opdrachtgever weerhoudt niet van het aannemen van loonbetalingsverplichting.
Verder stelt de Raad dat de premieplicht van de werkgever aanvangt op 1 januari 1996, conform eerdere jurisprudentie. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat geen ondubbelzinnige toezegging was gedaan. De verzuimregistratie is op juiste gronden gebaseerd. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, behalve voor premieplicht vóór 1 januari 1996, en de proceskosten worden aan appellant opgelegd.
Uitkomst: De verzekeringsplicht van interimcontrollers en premieplicht van de werkgever worden bevestigd vanaf 1 januari 1996; de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd behalve voor premieplicht vóór die datum.