ECLI:NL:CRVB:2002:AE9433
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing erkenning als vervolgingsslachtoffer wegens onjuiste beoordeling onderduiksituatie
Eiser, geboren in 1938 en half-zigeuner, verzocht in oktober 1998 om erkenning als vervolgingsslachtoffer op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945. Verweerster wees dit verzoek in april 1999 af, stellende dat eiser geen vervolging in de zin van de Wet had ondergaan en dat de omstandigheden geen aanleiding gaven hem als vervolgingsslachtoffer te erkennen.
Na bezwaar handhaafde verweerster dit besluit, onder meer omdat eiser en zijn gezin vanaf juni 1943 op een vast adres stonden ingeschreven en er geen bewijs was dat hij als half-zigeuner vervolging te vrezen had. De Raad oordeelde dat de bestuurspraktijk uitgaat van de veronderstelling dat vol- en halfzigeuners die niet zijn opgepakt na 16 mei 1944 ondergedoken zijn geweest om vervolging te ontlopen, tenzij uit feiten blijkt dat dit niet het geval was.
De Raad vond geen aanknopingspunten om van deze veronderstelling af te wijken en stelde vast dat het gezin de razzia op het woonwagenkamp Kleine Heide had meegemaakt en ternauwernood aan transport naar Westerbork was ontkomen. Daarom was het besluit onvoldoende gemotiveerd en in strijd met artikel 7:12 Awb Pro. De Raad vernietigde het besluit en bepaalde dat verweerster een nieuw besluit moet nemen, waarbij eiser als vervolgingsslachtoffer moet worden erkend. Tevens werden proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het besluit om eiser niet als vervolgingsslachtoffer te erkennen wordt vernietigd en verweerster moet een nieuw besluit nemen.