ECLI:NL:CRVB:2002:AF0226
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep oordeelt over ontvankelijkheid bezwaar subsidie Wet sociale werkvoorziening
Appellante, een privaatrechtelijke rechtspersoon die sociale werkvoorziening uitvoert voor de gemeente Utrecht, stelde bezwaar in tegen subsidiebesluiten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (gedaagde) over 1998 en 1999. De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep tegen het besluit over 1998 ongegrond en dat tegen het besluit over 1999 gegrond, waarbij het bezwaar over 1999 ontvankelijk werd geacht.
In hoger beroep stond de ontvankelijkheid van het bezwaar centraal. De Raad overwoog dat appellante geen bestuursorgaan is en geen rechtstreeks belanghebbende in de zin van artikel 1:2 Awb Pro, omdat zij geen publiekrechtelijke taak heeft en het belang slechts afgeleid is van dat van de gemeente. De Raad stelde dat appellante daardoor geen bezwaarrecht heeft tegen de subsidiebesluiten.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het bezwaar tegen het besluit over 1998 niet-ontvankelijk, en verklaarde het beroep tegen het besluit over 1999 ongegrond. Tevens veroordeelde de Raad het ministerie tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante tegen het subsidiebesluit is niet-ontvankelijk verklaard omdat zij geen belanghebbende is volgens de Awb.