ECLI:NL:CRVB:2003:AV1138
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- Th.G.M. Simons
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking bijstandsuitkering en oplegging boete wegens niet-naleving inlichtingenplicht
De zaak betreft een hoger beroep van het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg tegen een uitspraak van de rechtbank Breda over de intrekking van een bijstandsuitkering aan gedaagde. De gemeente had het recht op bijstand beëindigd omdat gedaagde haar opgegeven woonadres in Tilburg slechts als postadres gebruikte en feitelijk elders woonde.
Na onderzoek door het Bureau Fraudebestrijding bleek dat gedaagde niet op het opgegeven adres woonde, wat leidde tot beëindiging van de uitkering en oplegging van een boete. De rechtbank had het beroep van de gemeente gegrond verklaard, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en verklaart het beroep alsnog ongegrond.
De Raad oordeelt dat de feiten en omstandigheden voldoende bewijs leveren dat gedaagde de inlichtingenplicht heeft geschonden door niet te melden dat zij niet meer in Tilburg woonde. Hierdoor was de intrekking en terugvordering van de bijstand terecht. De opgelegde boete wordt vastgesteld op €1.221, conform het Boetebesluit socialezekerheidswetten.
De Raad veroordeelt de gemeente Tilburg tot betaling van proceskosten aan gedaagde en handhaaft de boete. De uitspraak bevestigt het belang van correcte woonplaatsregistratie en naleving van de inlichtingenplicht bij sociale zekerheidsuitkeringen.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard en een boete van €1.221 wordt opgelegd wegens niet-naleving van de inlichtingenplicht.