ECLI:NL:CRVB:2004:AO2035
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- A. Beuker-Tilstra
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening inschaling ambtenaar na arbeidsmarktoverwegingen
Appellante solliciteerde eind 1999 naar een functie bij de Directie Douane en werd per 15 april 2000 benoemd met inschaling in schaal 8, trede 0. Zij verzocht op 10 september 2000 om herziening van haar inschaling naar trede 4, omdat enkele extern geworven collega's hoger waren ingeschaald na onderhandelingen over salaris. De Staatssecretaris weigerde dit verzoek en handhaafde dit besluit na bezwaar.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep betoogde appellante dat zij minimaal gelijkwaardige ervaring had en dat de lagere inschaling onrechtvaardig was. De Staatssecretaris erkende dat later geworven kandidaten hoger waren ingeschaald vanwege arbeidsmarktoverwegingen, maar zag geen reden om appellante alsnog hoger in te schalen.
De Raad overwoog dat het oorspronkelijke besluit van 10 april 2000 in rechte onaantastbaar was geworden en dat de weigering om daarvan terug te komen getoetst moest worden als handhaving van een eerder besluit. De Raad paste een gesplitste toets toe voor duuraanspraken, waarbij voor het verleden alleen nieuw feiten of omstandigheden tot herziening kunnen leiden, en voor de toekomst een minder terughoudende belangenafweging geldt.
De Raad oordeelde dat de Staatssecretaris bevoegd was het inschalingsbeleid aan te passen vanwege dreigend personeelstekort en arbeidsmarktoverwegingen, en dat appellante geen recht had op verhoging van haar inschaling met terugwerkende kracht. De afwijzing was zorgvuldig en evenwichtig. Er waren geen nieuwe feiten voor het verleden die herziening rechtvaardigden.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering tot herziening van de inschaling wordt bevestigd.