ECLI:NL:CRVB:2004:AO2065
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- A. Beuker-Tilstra
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging disciplinair ontslag wegens ernstig plichtsverzuim na niet-naleving afspraken bedrijfsarts en werkhervatting
Appellant was sinds 1986 werkzaam bij de Informatie Beheer Groep en kreeg in januari 1993 al voorwaardelijk ontslag wegens ernstig plichtsverzuim. In 2000 ontstonden opnieuw problemen doordat appellant afspraken over bezoek aan de bedrijfsarts en werkhervatting niet nakwam. Na een gesprek op 25 september 2000 werden strikte afspraken gemaakt en gewaarschuwd voor disciplinaire maatregelen.
Ondanks deze afspraken verscheen appellant niet op de oproep van 23 oktober 2000 bij de bedrijfsarts en hervatte hij zijn werk niet zoals afgesproken. Hoewel appellant stelde de oproep niet tijdig te hebben ontvangen, stelde de Raad vast dat de oproep per koerier op het woonadres was afgeleverd, maar appellant de deur niet opende om te tekenen. Hierdoor werd zijn plichtsverzuim als ernstig beoordeeld.
De Raad oordeelde dat appellant zich schuldig had gemaakt aan plichtsverzuim en dat het disciplinaire ontslag gerechtvaardigd was. Er waren geen aanwijzingen dat het plichtsverzuim hem niet viel toe te rekenen, ondanks zijn psychische problemen. De opgelegde straf was niet onevenredig, mede gezien de eerdere waarschuwingen. De Raad bevestigde het besluit van de rechtbank en verklaarde het bezwaar ongegrond.
Uitkomst: Het disciplinair ontslag van appellant wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd.