ECLI:NL:CRVB:2004:AP1703
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- A.B.J. van der Ham
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bijzondere bijstand wegens onvoldoende vergoeding voor jongere zelfstandige
Appellante, een alleenstaande jongere dan 21 jaar, had bijzondere bijstand aangevraagd omdat zij zelfstandig woonde en haar noodzakelijke bestaanskosten niet kon delen met anderen. De gemeente Venlo kende haar bijzondere bijstand toe tot het verschil tussen de bijstandsnorm voor een alleenstaande jonger dan 21 jaar en die voor een alleenstaande van 21 jaar en ouder, zonder gemeentelijke toeslag.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de toekenning van bijzondere bijstand niet voldeed aan de vereiste feitelijke, individuele beoordeling en dat de hoogte van de bijstand onvoldoende was. De Raad stelde dat de bijzondere bijstand had moeten worden verhoogd met een gemeentelijke toeslag die geldt voor alleenstaanden van 21 jaar en ouder.
De Raad vernietigde het besluit en bepaalde dat de gemeente een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd de gemeente veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en werd appellante in beginsel in haar verzoek tot rentevergoeding tegemoetgekomen, afhankelijk van de nieuwe besluitvorming.
Uitkomst: Het besluit tot toekenning van bijzondere bijstand aan appellante wordt vernietigd en de gemeente wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met een hogere vergoeding inclusief gemeentelijke toeslag.