ECLI:NL:CRVB:2004:AQ6672
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- A.B.J. van der Ham
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens verzwegen inkomsten uit hennepkwekerij
Appellant ontving vanaf juni 1999 een bijstandsuitkering, maar verzweeg inkomsten uit illegale hennepkwekerijen op zijn woonadres en dat van een vriendin. Na ontdekking van de kwekerijen in april 2000 stelde de gemeente vast dat appellant zijn inlichtingenplicht had geschonden door geen financiële gegevens te verstrekken.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad bevestigt dit in hoger beroep. De Raad oordeelt dat appellant geen bewijsstukken kan overleggen over opbrengsten en inkomsten, waardoor het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld. De uitkering is daarom terecht ingetrokken en teruggevorderd op grond van de Algemene bijstandswet.
De Raad acht de activiteiten van appellant niet hobbymatig, gezien de omvang en opbrengst van de kwekerijen. Ook het uitgavenpatroon en investeringen in de kwekerijen rechtvaardigen het vermoeden van andere inkomstenbronnen dan de bijstand. Er zijn geen dringende redenen gevonden om van terugvordering af te zien. De proceskosten worden niet aan appellant opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van de bijstand wegens verzwegen inkomsten uit hennepkwekerijen.