ECLI:NL:CRVB:2004:AR1541
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- C.P.J. Goorden
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering WW-uitkering wegens onjuiste opgave zelfstandige uren
Appellante ontving vanaf 1994 een WW-uitkering gebaseerd op een verlies van 40 arbeidsuren, waarbij zij slechts 10 uur per week als zelfstandige had opgegeven. Na informatie van de belastingdienst en een onderzoek van de opsporingsdienst bleek dat zij minstens 1225 uur per jaar (23,5 uur per week) als zelfstandige werkte. Gedaagde herzag daarop de uitkering en vorderde onverschuldigde betalingen terug.
Appellante voerde aan dat zij alleen declarabele uren had opgegeven en niet de tijd besteed aan acquisitie, administratie, cursussen en vakliteratuur. De Raad oordeelde dat ook deze uren tot de werkzaamheden als zelfstandige behoren en dat de omzetstijging dit ondersteunt. De verklaring over werkzaamheden van haar broer werd niet aannemelijk geacht.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank dat appellante onvoldoende heeft onderbouwd waarom minder uren opgegeven konden worden. Het risico van onjuiste opgave ligt bij appellante, die ook geen nadere informatie heeft ingewonnen bij gedaagde.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van de WW-uitkering wegens onjuiste opgave van zelfstandige uren.