ECLI:NL:CRVB:2004:AR2862
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- A.B.J. van der Ham
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsuitkering wegens onvoldoende inzicht in kosten van bestaan
Appellant heeft bij het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Eibergen een aanvraag ingediend voor een bijstandsuitkering op grond van de Algemene bijstandswet (Abw). Deze aanvraag is afgewezen omdat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt hoe hij in de periode voorafgaand aan de aanvraag in zijn noodzakelijke kosten van het bestaan heeft voorzien.
De rechtbank Zutphen heeft deze afwijzing bevestigd, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. Tijdens de zitting op 17 augustus 2004 heeft de Raad het geschil inhoudelijk behandeld. De Raad verwijst naar een eerdere uitspraak van de voorzieningenrechter waarin het verzoek van appellant om toepassing van artikel 8:81 Awb Pro werd afgewezen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant onvoldoende inzichtelijk heeft gemaakt hoe hij in de noodzakelijke kosten van het bestaan heeft voorzien. Tevens heeft appellant op het aanvraagformulier geen melding gemaakt van een aanzienlijke schuld van f 17.500,--, terwijl hier expliciet naar werd gevraagd. Alleen een schuld van f 2.500,-- bij een bank werd vermeld. Dit leidt tot bevestiging van de afwijzing van de bijstandsuitkering. De Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsuitkering wordt bevestigd wegens onvoldoende inzicht in de noodzakelijke kosten van het bestaan.