ECLI:NL:CRVB:2004:AR3449
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- A.B.J. van der Ham
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Opschorting en intrekking bijstandsuitkering wegens onvoldoende medewerking aan arbeidsmogelijkhedenonderzoek
Appellant werd opgeroepen voor een gesprek in het kader van een onderzoek naar zijn arbeidsmogelijkheden, maar verscheen niet zonder geldige reden. Gedaagde schortte daarom het recht op bijstand op en trok dit later in met ingang van 1 januari 2002. Appellant stelde bezwaar in, maar de rechtbank verklaarde dit ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat het opschortings- en intrekkingsbesluit terecht is genomen op grond van artikel 69 van Pro de Algemene bijstandswet (Abw), omdat appellant onvoldoende meewerkte aan het onderzoek. Wel is vastgesteld dat de opschorting en intrekking ten onrechte met ingang van 1 januari 2002 zijn ingegaan, terwijl het verzuim op 2 januari 2002 begon.
De Raad vernietigt het besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep gegrond en bepaalt dat de rechtsgevolgen van het besluit vanaf 2 januari 2002 in stand blijven. Hierdoor heeft appellant recht op bijstand over 1 januari 2002. Verder is geen proceskostenveroordeling opgelegd omdat geen kosten zijn aangetoond.
Uitkomst: Het besluit tot opschorting en intrekking van de bijstandsuitkering wordt vernietigd met terugwerkende kracht vanaf 2 januari 2002.