ECLI:NL:CRVB:2004:AR4967
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- C. van Viegen
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenplicht en gebrekkige motivering
Appellante ontving een bijstandsuitkering op grond van de Algemene bijstandswet (Abw) naar de norm voor een alleenstaande ouder nadat haar echtgenoot in het buitenland verbleef. Na anonieme tips stelde de gemeente Deventer vast dat zij en haar echtgenoot vanaf 7 februari 2000 weer samenwoonden, zonder dit te melden, wat een schending van de inlichtingenplicht opleverde.
De gemeente trok de bijstand met ingang van die datum in en vorderde de onverschuldigd betaalde bedragen terug. Appellante voerde aan dat zij en haar echtgenoot in de betreffende periode geen inkomsten hadden, zodat zij recht zouden hebben gehad op gezinsbijstand. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en het besluit tot terugvordering wegens onvoldoende motivering.
De Raad oordeelt dat de intrekking van de bijstand terecht was, maar dat de terugvordering niet volledig kan worden gehandhaafd zonder nader onderzoek naar de feitelijke inkomenssituatie. De gemeente wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen dat rekening houdt met deze omstandigheden. Tevens wordt de gemeente veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit tot terugvordering van bijstand wordt vernietigd en de gemeente moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van de uitspraak.