ECLI:NL:CRVB:2004:AR4969
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- A.J.B. van der Ham
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van besluiten over bijstand, vrij te laten vermogen en arbeidsinschakelingsverplichtingen
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen uitspraken van de rechtbank Breda inzake besluiten van het College van burgemeester en wethouders van Loon op Zand over bijstand, met name over het maximaal vrij te laten vermogen, de voorafgaande toestemming voor vakantie en arbeidsinschakelingsverplichtingen.
De Raad oordeelt dat het vastgestelde vrij te laten vermogen van f 9.515,57 terecht is vastgesteld en dat het besluit hierover onherroepelijk is geworden. De verplichting om vooraf toestemming te vragen voor vakantie is geoorloofd, maar de termijn van vier weken vooraf is onjuist en wordt vernietigd. Verder wordt het bezwaar tegen de mededeling over arbeidsinschakelingsverplichtingen niet-ontvankelijk verklaard omdat deze mededeling geen besluit in de zin van de Awb betreft.
Ten aanzien van de opgelegde maatregel wegens onvoldoende medewerking aan een onderzoek naar geschiktheid voor scholing oordeelt de Raad dat deze maatregel terecht is opgelegd, gezien het tekortschietend besef van verantwoordelijkheid van appellant. De ontheffing van bepaalde verplichtingen is terecht ingetrokken vanwege het ontbreken van medewerking. De Raad bepaalt dat de rechtsgevolgen van het besluit omtrent het vrij te laten vermogen en de voorafgaande toestemming voor vakantie in stand blijven en wijst het griffierecht toe aan appellant.
Uitkomst: De Raad bevestigt het vrij te laten vermogen en de verplichting tot voorafgaande toestemming voor vakantie, vernietigt de termijn van vier weken en verklaart het bezwaar tegen bepaalde mededelingen niet-ontvankelijk.