ECLI:NL:RBROT:2024:6586
Rechtbank Rotterdam
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering bijstandsuitkering wegens verblijf langer dan vier weken in het buitenland zonder dringende redenen
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van eiseres tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Voorne aan Zee om haar bijstandsuitkering over de periode van 5 mei 2022 tot en met 1 juni 2022 te herzien en terug te vorderen. Eiseres verbleef langer dan vier weken in het buitenland zonder dit te melden, wat volgens artikel 13 van Pro de Participatiewet (Pw) leidt tot uitsluiting van recht op bijstand.
Eiseres voerde aan dat zij wegens een zware operatie in Iran niet eerder kon terugkeren en dat er sprake was van dringende redenen. De rechtbank oordeelde dat zij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er sprake was van een acute noodsituatie die bijstand noodzakelijk maakte. Bovendien verbleef zij bij familie, had geen extra verblijfskosten en werd financieel ondersteund door haar zoon.
Het beroep op het evenredigheidsbeginsel faalde omdat artikel 13 Pw Pro een dwingendrechtelijke bepaling is en de omstandigheden van eiseres niet uitzonderlijk genoeg waren om hiervan af te wijken. De terugvordering was bovendien terecht op grond van de schending van de inlichtingenplicht. De rechtbank wees het beroep af en veroordeelde eiseres tot betaling van griffierecht zonder proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de herziening en terugvordering van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard.