ECLI:NL:CRVB:2004:AR7216
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van de Wiel
- R.C. Stam
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit correctie- en boetenota’s carpoolregeling wegens onvoldoende zorgvuldige voorbereiding
Appellante voerde bezwaar en beroep tegen correctie- en boetenota’s van het UWV over de jaren 1996 tot en met 2001, die gebaseerd waren op een looncontrole van de belastingdienst en het UWV zelf. De discussie betrof met name de toepassing van de carpoolregeling en de hoogte van het premieloon.
De belastingdienst had in 2001 een controle uitgevoerd en correcties aangebracht op de loonbelastingaangiften, met name over te hoge kilometeraantallen en dubieuze ritten. Het UWV volgde deze bevindingen zonder eigen aanvullend onderzoek en legde correcties en boetes op. Appellante stelde dat de carpoolregeling juist was toegepast en verwees naar een compromis met de fiscus waarbij de gecorrigeerde bedragen werden gehalveerd.
De Raad oordeelde dat het UWV een eigen verantwoordelijkheid heeft voor de vaststelling van het premieloon en niet gebonden is aan de belastingdienst, maar dat het onderzoek van de belastingdienst wel zorgvuldig moet zijn. Omdat appellante de bevindingen van de belastingdienst gemotiveerd bestreed en de belastingdienst de aanslagen had gehalveerd, kon het UWV zich niet zonder meer op het oorspronkelijke rapport verlaten. Hierdoor ontbrak het aan een zorgvuldige voorbereiding van het besluit.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank voor zover deze betrekking hadden op de carpoolregeling. Tevens werd het UWV veroordeeld in de kosten van het hoger beroep en werd het griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit over de correctie- en boetenota’s inzake de carpoolregeling wordt vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldige voorbereiding.