ECLI:NL:CRVB:2004:AS2090
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.H.M. Roelofs
- H.J. de Mooij
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Herziening bijstandsuitkering en boete wegens niet opgegeven inkomsten uit arbeid
Appellant ontving vanaf augustus 1998 een bijstandsuitkering en kreeg deze herzien vanwege niet opgegeven inkomsten uit arbeid over diverse maanden in 1998 en 1999. Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Rheden vorderde de gemaakte kosten van bijstand terug en legde een boete op wegens het niet nakomen van de inlichtingenplicht.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de boete ongegrond en oordeelde dat het beroep tegen de terugvordering niet ontvankelijk was, omdat appellant zich tijdens de bezwaarprocedure alleen tegen de boete had gericht. De Centrale Raad van Beroep oordeelt anders en vernietigt dit deel van het vonnis, omdat het bezwaar zich ook richtte op de terugvordering.
De Raad beoordeelt vervolgens de terugvordering en stelt dat er geen dringende redenen zijn om geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien. De door appellant aangevoerde ernstige depressie is onvoldoende onderbouwd met medische stukken. De boete is terecht opgelegd en de hoogte ervan is passend volgens de geldende regelgeving.
De Raad bevestigt het besluit tot terugvordering en boete, veroordeelt de gemeente Rheden in de proceskosten en bepaalt dat het betaalde griffierecht aan appellant wordt vergoed.
Uitkomst: De Raad bevestigt de boete en de terugvordering van bijstandskosten en wijst het beroep tegen de terugvordering af.