ECLI:NL:CRVB:2005:AS4576
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- C.P.J. Goorden
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging blijvende gehele weigering WW-uitkering wegens verwijtbaar werkloos gedrag
Appellant was sinds 1967 in dienst bij een onderdeel van het Philips concern en kreeg vanaf 1996 problemen met zijn functioneren. Ondanks waarschuwingen bleef hij zich niet aan voorschriften en werktijden houden, wat leidde tot ontslag per 1 oktober 2002. Appellant vroeg een WW-uitkering aan, die door het UWV werd geweigerd wegens verwijtbare werkloosheid.
Appellant voerde aan dat zijn diabetes en persoonlijke beperkingen het niet-functioneren veroorzaakten, maar kon dit niet met medische stukken onderbouwen. De Raad stelde vast dat appellant zijn diabetes niet had gemeld en zich niet ziek had gemeld vanwege zijn aandoening. Het niet-functioneren betrof gedragingen als te laat komen, onzorgvuldig werk en gebrek aan motivatie.
De Raad verwierp het beroep en bevestigde dat appellant verwijtbaar werkloos is geworden, waardoor de WW-uitkering terecht geheel werd geweigerd. Het rapport van het CWI over belemmeringen bij toeleiding naar ander werk was niet relevant voor het functioneren bij de werkgever. Er was geen grond voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de blijvende gehele weigering van de WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid.