ECLI:NL:CRVB:2005:AS5184
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- R.H.M. Roelofs
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstandsuitkering wegens onjuiste inlichtingen over werkzaamheden en inkomsten
Appellanten ontvingen sinds 1993 een bijstandsuitkering en vroegen in 2001 bijstand aan voor een Marokkaanse kruidenierszaak, welke werd afgewezen wegens gebrek aan levensvatbaarheid. Tijdens een heronderzoek in oktober 2001 meldde appellant dat hij een uitzendbureau had overgedragen, maar gaf geen volledige informatie over zijn werkzaamheden.
Uit onderzoek door gedaagde en het GAK bleek dat appellant feitelijk werkzaamheden verrichtte voor het uitzendbureau, ondanks dat de eigendom formeel bij derden lag. Appellanten hadden hierdoor hun inlichtingenplicht geschonden, waardoor gedaagde de bijstand per 1 mei 2002 beëindigde en de uitkering over de periode september 2001 tot april 2002 introk en terugvorderde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat appellant in belangrijke mate op geld waardeerbare activiteiten heeft verricht en dat terugvordering terecht is, zonder dringende redenen om daarvan af te zien.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en terugvordering van de bijstandsuitkering wegens het niet verstrekken van juiste inlichtingen over werkzaamheden en inkomsten.