ECLI:NL:CRVB:2005:AS6574
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WW-uitkering wegens niet voldoen aan referte-eis
Appellant, voormalig stucadoor, verzocht om een WW-uitkering met ingang van 11 maart 2002. Gedaagde wees dit verzoek af omdat appellant niet voldeed aan de referte-eis van artikel 17 WW Pro, die vereist dat in de 39 weken voorafgaand aan werkloosheid ten minste 26 weken als werknemer arbeid is verricht. Uit de stukken bleek dat appellant slechts in 20 weken had gewerkt.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij zij de door appellant opgegeven datum van indiensttreding op 1 mei 1994 als juist aannam. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij al vanaf januari 1994 in dienst was, ondersteund door een verklaring van de voormalige werkgever, maar deze werd niet overtuigend geacht vanwege gebrek aan bewijs en inconsistenties.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank en vond geen nieuwe feiten die tot een ander oordeel konden leiden. De Raad wees ook een verzoek om vergoeding van proceskosten af. Het bestreden besluit tot weigering van de WW-uitkering werd daarmee bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WW-uitkering omdat appellant niet voldoet aan de referte-eis van minimaal 26 gewerkte weken.