ECLI:NL:CRVB:2005:AS6610
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.M. van Male
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beperkte terugwerkende kracht toeslag bijstandsnorm voor alleenstaande meerderjarige kinderen
Appellante stelde in hoger beroep dat de toeslag op de bijstandsnorm, die volgens de gewijzigde Verordening van 1 juli 1999 met ingang van 1 maart 1999 werd toegekend, met een verdergaande terugwerkende kracht tot 1 januari 1996 had moeten worden verleend.
De Raad overwoog dat het besluit van 11 februari 2000 correct uitvoering gaf aan de gewijzigde Verordening en dat de raad van de gemeente ’s-Gravenhage bij afweging van belangen in redelijkheid kon besluiten de terugwerkende kracht te beperken tot 1 maart 1999. Hierbij speelde mee dat appellante geen rechtsmiddel had aangewend tegen het oorspronkelijke besluit en dat de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een verdere terugwerkende kracht niet noodzakelijk achtte.
Verder stelde de Raad vast dat appellante vóór 1 december 1996 niet onder de Algemene bijstandswet viel en dat zij tot 1 april 1997 een garantietoeslag ontving, waardoor er geen grond was voor een toeslag met ingang van 1 april 1997. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de beperkte terugwerkende kracht van de toeslag wordt bevestigd.