ECLI:NL:CRVB:2005:AS8264
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ontslag op verzoek van ambtenaar onder dwangpositie
Gedaagde, sinds 1984 in dienst van de gemeente Assen, gaf in 1998 aan niet meer gemotiveerd te zijn en wilde een andere baan. Na sollicitatietraining en outplacementactiviteiten werd hij gedetacheerd bij Kooyenga Consultants, waar zijn detachering eindigde per 1 september 2001. De gemeente wilde hem ontslaan per die datum, maar gedaagde maakte bezwaar. Hij sloot op 5 november 2001 een arbeidsovereenkomst met Kooyenga met ingang van 1 januari 2002, waarna de gemeente hem verzocht een ontslagverzoek in te dienen, wat hij niet deed.
De gemeente stelde dat uit het feitelijk handelen van gedaagde een verzoek om ontslag kon worden afgeleid, maar de rechtbank verklaarde het beroep van gedaagde gegrond en gaf appellant opdracht een nieuwe beslissing te nemen. De Raad overweegt dat een ontslagverzoek alleen kan worden aangenomen als het uit vrije wil is gedaan. Gezien de dwangpositie waarin gedaagde verkeerde, waarbij de gemeente niet bereid was hem terug te nemen of een wachtgeldregeling te bieden, kan niet worden aangenomen dat hij zijn functie vrijwillig heeft prijsgegeven.
Ook het besluit van 6 januari 2004 waarin strafontslag werd gegeven wegens vermeende weigering werkzaamheden te verrichten en poging tot afpersing, wordt verworpen omdat hiervoor geen bewijs is. De Raad veroordeelt appellant in de proceskosten en bevestigt de vernietiging van de eerdere besluiten, en zal zelf voorzien in een nieuwe beslissing.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat gedaagde niet vrijwillig om ontslag heeft gevraagd en vernietigt de ontslagbesluiten.